De patiënten die in mijn verhalen voorkomen, bestaan echt. In de meeste gevallen maak ik ze onherkenbaar in verband met hun privacy. Als patiënten wel herkenbaar zijn, hebben ze expliciet toestemming gegeven voor publicatie. De blogs die in Medisch Contact verschenen, kun je aanklikken door met de muis op de titel van de blog te klikken. Dan verschijnt de link.
Categorie: psychiatrie
-
#ikwildieprik
In januari 2021 begint Nederland met de grote vaccinatiecampagne tegen COVID-19. Als een substantieel deel van de bevolking ingeënt is, kunnen de beperkende maatregelen teruggedraaid worden. Over de weerstand tegen de maatregelen en de preventieparadox schreef ik een blog. Lees hem op de website van Medisch Contact.
-
Witheet ben ik
Het is een wonder dat ik de handdoek nog niet in de ring heb gegooid. De situatie in de geestelijke gezondheidszorg is ziekmakend. Uitslag, depressies, woede-aanvallen: ik heb ze allemaal al gehad.
Als vrijgevestigd psychiater ben ik gelukkig eigen baas. Ik sluit geen contracten af met zorgverzekeraars omdat ik niet gediend ben van hun bemoeienis met de inhoud. Zolang ik in mijn spreekkamer patiënten behandel, gaat het goed. Dan doe ik wat ik zinvol acht en daar ben ik goed in.
Helaas is mijn spreekkamer geen bunker. Hij kan mij niet beschermen tegen de moedeloos makende realiteit van het Nederlandse zorgsysteem. Wilt u een voorbeeld?Dexamfetamine is een goedwerkend medicijn tegen ADHD. Het kost € 0,33 en werd volledig vergoed door de verzekeraars. Maar dat mag ik niet meer voorschrijven. Er is namelijk een nieuw middel.
Het nieuwe middel is precies dezelfde werkzame stof in een ander jasje onder de merknaam Amfexa. Voor € 2,96. Negen keer zo duur. Patiënten moeten ook nog zelf bijbetalen want het wordt maar gedeeltelijk vergoed.
Ja dag, dat schrijf ik niet voor! dachten een hoop collega’s met mij. Het marktaandeel Amfexa kelderde. Dus de fabrikant verzon een list. Hij zou de eigen bijdrage wel vergoeden voor de gebruikers en hij veranderde de naam in Tentin.
Mijn patiënte B wil het proberen. Elke maand kan zij bij een speciaal hiervoor opgericht bedrijfje een gedeelte van de kosten terugvragen. Het is omslachtig maar het medicijn werkte zo goed voor haar dat ze dat op de koop toeneemt. Alleen geeft Tentin bij haar en vele anderen niet hetzelfde effect als dexamfetamine dat ze al jaren gebruikte. En ze krijgt ook nog forse bijwerkingen.
Reden genoeg om alsnog het oude, veel goedkopere middel voor te schrijven lijkt me. De apotheker belt: zij mag het niet meer leveren, dat zou ik toch moeten weten!
Dit is toch niet uit te leggen?
Witheet ben ik als ik begin oktober voorzitter Sjaak Wijma van Zorginstituut Nederland hoor. Hij wil ineffectieve zorg uit het basispakket halen. Maar liefst de helft van de zorg in het basispakket is namelijk niet wetenschappelijk onderbouwd, aldus Wijma. Omdat de kosten in de zorg sterk stijgen en er steeds nieuwe behandelingen toegevoegd worden, moet het instituut scherp blijven op minder zinvolle zorg.
Sorry?
Sinds wanneer is niet wetenschappelijk onderbouwd hetzelfde als niet zinvol? Een kusje op de knie is ook niet wetenschappelijk onderbouwd. Maar het helpt wel. Bij kinderen tenminste. Wetenschappelijk onderzoek gebeurt in grote uniforme groepen. Mijn patiënten wijken daar altijd van af. Ze zijn bijvoorbeeld ouder, drinken meer of lijden tegelijkertijd ook aan een andere ziekte. Behandelen is voor een groot deel gebaseerd op collectieve ervaring, net als in ieder ambacht. Dat kwalificeren als onwetenschappelijk snap ik nog. Maar dat het daarom niet zinvol zou zijn, is stuitend.
Weet je wat niet zinvol is Sjaak? Mij verbieden om het veel goedkopere, goed werkende dexamfetamine voor te schrijven. Ook zonder wetenschappelijke onderbouwing is duidelijk dat dat verbod kostenbesparing noch betere zorg oplevert.
-
Verleidende kracht
Dit verhaal gaat over een fout die ik maakte in mijn eerste jaar als psychiater in opleiding. Ik schreef het als Lezersbijdrage voor het Kerstnummer van Medisch Contact. Lees het verhaal op de website van Medisch Contact.
-
Opinievrees en vraagdrang
Bij het uitlaten van mijn hond kom ik Trees tegen. Trees heeft geen last van opinievrees. Zij weet alles over honden en de wereld in het algemeen. Ze legt alles graag – ongevraagd – uit.
‘In het park zijn jongens op zoek naar hun papegaai’, meldt ze.
Sjaak passeert met zijn teckel. Hij heeft geen papegaai gezien. ‘Er zitten van die groene grasparkieten in het park. Die zullen wel bij één van de huizen horen?’ Maar Trees weet hoe het zit. ‘Nee hoor, die grasparkieten komen uit Amsterdám.’

Sjaak vindt dat stug. ‘Amsterdam? Hoe weet je dat?’
‘Echt waar, die zijn via Breukelen gevlogen’, zegt Trees, daarmee voorbijgaand aan Sjaaks vraag. Ik speur vergeefs naar een greintje ironie.
Als kind vroeg ik me al af hoe het mogelijk is dat iedereen overal een mening over heeft. Ik dacht dat je dan precies moest weten Hoe Het Zit. Maar ik had altijd meer vragen dan antwoorden. Dus ik hield meestal mijn mond. Bang om iets te beweren wat niet klopt.
Inmiddels is mij duidelijk dat weten hoe het zit geen conditio sine qua non is voor het hebben van een mening. Pertinente onzin verkopen alsof het algemeen aanvaarde kennis of een welonderbouwde mening betreft, vind ik soms vermakelijk. Zoals bij Trees wanneer het gaat over de grasparkieten. Dan lach ik of kijk weg. In andere gevallen vind ik het irritant. Neem het gebral van Baudet. Ronduit verbijsterend zijn de standpunten van Trump over klimaatverandering, COVID-19 of racisme.
Ik wil mijn mond niet langer houden. Maar die vrees om iets te beweren wat niet klopt, heb ik nog steeds. Toen ik de hondenpoep aan het opruimen was, kreeg ik een idee. Ik ga columns schrijven vanuit mijn vraagdrang. Die behoefte bepaalde eerder met succes mijn beroepskeuze. Als psychiater mag ik alles vragen. Het enige doel: begrijpen wie de ander is en hoe die zo geworden is. Ik ga mijn vraagdrang inzetten om mijn opinievrees te overwinnen. Stelling nemen door vragen te stellen.
En Trees komt er de volgende keer ook niet meer zo makkelijk mee weg.
-
Geluk
Afschuwelijk! Dat je ‘s morgens niet weet waar je ’s avonds zult zijn! Mijn dochter kan zich niet voorstellen dat ik juist dat een van de leukste dingen van vakantie met een camper vind.
Ik droom er al jaren over. Een oude camper kopen, in het voor- en naseizoen weekendjes weg en in de zomer wekenlang de zon achterna. Of meer recent: vluchten voor de hittegolven.
Met de mening van dochter en de aversie van manlief tegen kampeermiddelen op wielen, lijkt het er niet in te zitten. Maar door een speling van het lot staat er nu al weken een kampeerbus op de oprit. De mijne.
De camper knipoogde naar mij bij ons garagemannetje. Bordje TE KOOP achter de ruitenwissers. Zijn vader – ook automonteur – reed er minder mee dan hij gehoopt had en wilde er nu vanaf.
Zullen we alleen even kijken? Manlief gaat zuchtend mee het gevaarte in. Het is ruimer dan verwacht. Er is veel te klussen. Godzijdank zijn hobby. Misschien is het toch niet zo’n slecht idee.
Inmiddels heeft hij alles wat oud of nutteloos was gesloopt en gemoderniseerd. De kleine koelkast op gas is vervangen door een superzuinig tafelmodel dat loopt op zonnepanelen op het dak. Hij praat over onze camper.
Herfstvakantie. Waar zullen we eens heengaan? De Biesbosch, daar ben ik nog nooit geweest. Zoon wil wel mee, de honden kwispelen en manlief gloeit de diesel voor. Zwarte walmen komen onder de oude bus vandaan. Het lawaai is oorverdovend. Binnen een uur staan we op een natuurkampeerterrein met uitzicht op een ven.
Het is elf graden en we eten buiten met mutsen op. Wie is de Mol skippen we. Kolonisten van Catan rond de tafel in onze camper past beter. Kaarsjes aan. De honden houden onze voeten warm. Ik verlies. Als altijd.
De volgende morgen ontwaak ik tussen manlief en zoon. De jongste hond likt mijn gezicht. Ze willen naar buiten. Zachtjes schiet ik mijn kleding aan en stap de koude, mistige ochtend in.
De honden ravotten. Ik rits mijn jas dicht. Dit is geluk.
-
Gesprekskunst
Zij ligt op de slachttafel van Eva. Blauw en rood licht wekt ten onrechte de suggestie van een feestje. Hij zit recht tegenover haar. Vanachter zijn brillenglazen observeert hij het meisje. Ze kan nauwelijks bewegen in haar zwarte lakjas. De make-up maakt haar gelaat uitdrukkingsloos. Ze zoekt naar woorden. Voer voor de leeuwen.
Terwijl ik naar ze kijk, zie ik het gebeuren. Voor het oog van de natie vindt een fenomenale illustratie plaats van geslaagde gespreksvoering. De belangrijkste vaardigheid van een goede dokter naar mijn stellige overtuiging.
Goede gespreksvoering begint altijd met de zintuigen. Kijken, luisteren en voelen, voorbij de eerste indruk. Misschien heeft de ander wratten op zijn neus. Zegt zij domme dingen. Of slaat hij zijn vrouw. Je verplaatst je desondanks in de andere persoon, stelt vragen en probeert te begrijpen wat die beleeft.
Ondertussen moet je hard nadenken. Ik zie hoe Dokter Diederik zijn waarnemingen ordent en combineert met de kennis die hij al heeft. In plaats van het meisje op haar woorden te pakken, beweegt hij naar haar toe. Hij herformuleert haar woorden zodanig dat zij zich er nog in kan herkennen. En hij maakt ruimte om zijn eigen boodschap voor het rood-blauwe voetlicht te brengen.
Als dokter wil je het eens worden met je patiënt over wat er aan de hand is en hoe je dat samen gaat aanpakken. Het cruciale instrument is goed contact. Dokter Diederik neemt het meisje serieus en is respectvol. Dat werkt in de spreekkamer. En kennelijk ook aan de talkshowtafel.
#Famkedoettochweermee.
-
Goede vraag
Op het bierviltje onder mijn glas stond een vraag. Wanneer heb je voor het laatst iets voor het eerst gedaan? Ik vond het meteen een mooie vraag. Zo een die blijft hangen. Waardoor je dingen opvallen waar je tevoren aan voorbijging. Het was best lang geleden dat ik iets voor het eerst had gedaan. En dat riep een onbehaaglijk gevoel in mij op.

Goede vragen stellen is mijn gereedschap als psychiater. Ik wil de ander met een vraag aanzetten tot onderzoek en reflectie. En op die manier beweging en verandering uitlokken. Het fascineerde me dat dit bierviltje dat effect op mij had. Ik vroeg me af waarom deze vraag bleef resoneren.
Iets voor het eerst doen… Daar waren de laatste tijd wel voorbeelden van geweest. Met een mondkapje op in de bus stappen. Mijn oude Ford zelf op de takelwagen rijden. Mijn praktijk van de ene op de andere dag als videobellende therapeut voeren. Allemaal met dank aan COVID-19. Nee, dat telde dus niet. Dat waren de omstandigheden die mij dwongen om iets voor het eerst te doen.
Wanneer had ik voor het laatst iets voor het eerst gedaan dat ik heel graag wilde?
Dat was een jaar geleden. Toen ik me inschreef bij de Schrijversacademie. Wat ik heel graag wilde maar nog niet durfde, is columns schrijven over mijn leven als psychiater. Ik heb een geweldig vak. In mijn spreekkamer hoor ik schitterende, soms schokkende en vaak schrijnende verhalen. Ik kom soms dichterbij dan iemand ooit geweest is. Het is ontroerend om iemand in beweging te zien komen.
Wat wil ik dat graag zichtbaar maken. Voor degene die van verhalen houdt die het universele weerspiegelen. Voor degene die vastgelopen is en voor wie de stap naar de psychiater nog te groot is. Voor degene die nieuwsgierig is naar wat een psychiater doet. Voor de collega die meer waarde hecht aan wetenschappelijke data dan aan verhalen.
En voor mezelf. Omdat het zo heerlijk is om te schrijven. Wat vind ik dat eng. Maar zie: de eerste ligt voor u. Vandaag heb ik voor het laatst iets voor het eerst gedaan.

